Haapsalu (1/7)

Het is zomer aan het worden! Vandaag was het de hele dag zonnig. De wind gedraagt zich voorspelbaar. In de ochtend bijna geen wind, na 12 uur gaat het wat harder blazen en om een uur of vijf (locale tijd) is het een windje vier. Om zeven uur vindt hij dat het genoeg is en stopt er mee.

Omdat we vroeg op pad zijn gegaan en de wind uit een verkeerde hoek verwachtten en kregen, hebben we bijna de hele dag het ijzeren zeil op gehad. Haapsalu Niet leuk, maar we zijn dan toch maar weer in de volgende haven beland: Haapsalu (spreek uit: Ha-ap-sa-loe). Een echte jachthaven met zowaar een aantal gasten: Zweden, Finnen, Engelsen, een Duitser en een Nederlander. Dat zijn we al tijden niet meer gewend. Maar zoals gezegd, de zomer(vakantie) is begonnen.

Er zijn ook meer havens in Estland dan in de andere Baltische staten en je kunt er ook ankeren. Dat maakt het varen een stuk prettiger. Vanaf de Duits-Poolse grens tot hier liggen de havens vaak 30 tot 70 mijl uit elkaar, oftewel 6 tot 14 uur varen met 5 knoop snelheid. Onder zeil halen we die gemiddelde snelheid alleen onder ideale omstandigheden en die komen, zoals dat hoort, maar af en toe voor. Dus zorgt onze trouwe motor er dan voor dat we weer op tijd aankomen. Nu hebben we veel meer de vrijheid in het af te leggen traject. Dus hebben we nu de keuze om stevig door te varen naar een verre haven of te genieten van een rustige zeiltocht naar een haven dichtbij. De havens variëren van een enkele steiger tot een moderne marina. Met in een hoekje van iedere haven ligt nog steeds een grijs douanebootje.

 Tallinn (4-7)

Via de wereldomroep horen we dat ook in Nederland de zomer terug is. Het hoge drukgebied wat daarvoor zorgt zit al een paar dagen recht boven ons hoofd. Dat hebben we geweten op weg hier naar toe. Konden we eerst nog op zeil de volgende haven bereiken die 23 mijl verder lag, daarna kon de wind nauwelijks de zeilen bol krijgen, laat staan dat er sprake was van enige voortgang. Maar we klagen niet, want het is de hele dag stalend zonnig. Ook ’s nachts wordt het niet meer donker, maar blijft aan de noordelijke hemel een oranje gloed zichtbaar. Het is steeds een aparte belevenis wakker te worden omdat het licht is, terwijl de klok nog maar half twee aanwijst.

De jachthaven van Tallinn ligt ongeveer 5 km van het centrum, en is gebouwd voor de Olympische Spelen. Vanuit de kuip kijken we tegen een gevaarte aan, waar ongetwijfeld de vlam op zal hebben gebrand. Er naast staan drie vlaggenmasten, de middelste hoger dan de andere. Restanten van tribunes en een enorme stenen trap maken het beeld compleet. Nu is bovenaan de trap een restaurant en bevatten de gebouwen niet alleen bedrijven die iets met watersport te maken hebben, maar ook een fietsenmaker en een autobedrijf. Wat moet je ook anders met al die kolossale ruimtes.

Middeleeuwse markt, TallinnEr rijdt zeer regelmatig een bus naar het centrum. Zoals het een echte toerist betaamt, schaffen we een Tallinn Card aan, waarmee we de komende dagen van het openbaar vervoer maar ook van sightseeing bussen gebruik kunnen maken. Ook hebben we vrij toegang tot een aantal museums. Die hebben we dus vandaag flink benut. Een rondrit door een deel van de stad, een lunch op het marktplein, bezoek aan het middeleeuwse stadhuis en een museum met moderne kunst: het was warm maar heel interessant. Op een middeleeuwse markt krijgt Tineke uitleg over het werken met vilt. Aan het eind van de middag zitten we bij de Russisch Orthodoxe kathedraal op een bankje uit te puffen en een appeltje te eten. Een oude Estlandse heer komt aanlopen en maakt een praatje met ons. Op de vraag wat hij vindt van de veranderingen in Estland sinds 1990, vertelt hij blij te zijn met de huidige democratie. De Russische periode was erg moeilijk. Een gezin uit zijn familie was naar Siberië verbannen en verschillende leden van dat gezin hebben dat niet overleefd. Het was in die tijd meer regel dan uitzondering. Nadat hij ons nog verrast met de opsomming van een aantal steden in Nederland (hij bleek leraar topografie te zijn geweest) gaat hij weer op stap. Hij zegt onderweg te zijn naar een regeringsgebouw waar in de tuin over drie kwartier een concert is.

Wij gaan even kijken in de Russisch Orthodoxe kathedraal en dwalen daarna nog wat door de oude stad. Nu de stroom toeristen is opgedroogd, ziet de stad er ineens anders uit. We zien ineens ook dingen die we eerst niet zagen. We ontdekken de Nederlandse ambassade en zien er tegenover een poort waar groepjes mensen naar binnen lopen. Nieuwsgierig lopen we mee en komen in een tuin waar een honderdtal stoelen voor een klein podium staan. We krijgen een brochure in het Estlands met het programma in de hand gedrukt en begrijpen dat er een concert is van een solo cellist, Ramon Jaffé. Hij speelt werken van Bach en een Flamenco Fantasie. We zoeken een plaats en groeten de Estlandse leraar die er ook zit. We krijgen twee totaal verschillende soorten muziek op een cello te horen. We genieten van deze verassing en het is dan ook afgelopen voor we er erg in hebben. Het is al laat als we weer in de haven terug zijn.

 Ook de volgende dagen laten we ons uitgebreid rondrijden door stad en omstreken. Men is bepaald niet selectief in wat ze laten zien. We rijden langs Lasnamae (XX), een gigantische buitenwijk met alleen maar grote blokkendozen van kleine flats, allemaal hetzelfde. Daar woont nog steeds een fors gedeelte van de bevolking van Tallinn. Ook horen we nu waarom er nog zoveel huizen zijn, die wel bewoond worden maar er soms als een bouwval uitzien. Tijdens de Russische overheersing zijn veel huizen onteigend. Nu kunnen de oude eigenaren of erfgenamen hun vroegere eigendom weer terug claimen. Maar vaak hebben die weer geen kapitaal voor onderhoud of renovatie. En dus willen de huidige bewoners geen hogere huur betalen omdat ze in een krot wonen. Ook huidige bewoners die in een mogelijk te claimen woning zitten, durven niets te investeren. Een vicieuze cirkel dus. Ineens valt bij ons het kwartje! Dat was natuurlijk ook in de landen die we eerder bezochten het geval!

TallinnIn een oude stadstoren met muren van drie meter dik is ook een museum. Behalve een aantal krijgshaftige antiquiteiten is er ook een foto tentoonstelling over een stad die eigenlijk niet bestond. Tijdens de Russische bezetting was er in die stad iets van een nucleaire fabriek. Daarom was de stad min of meer hermetisch afgesloten van de buitenwereld en stond hij ook niet op de kaarten van die tijd. Nu beschouwt men het als een soort museumstad van de Russische bouwstijlen die er zijn. We nemen aan, dat er ook nu alleen maar Russen wonen: de opschriften waren uitsluitend Russisch.

 Tallinn en Estland hebben ons verrast op verschillende manieren. Hoewel Polen, Litouwen en Letland ons op bepaalde momenten positief verrasten is het vooral Estland wat ons het meest vooruitstrevend en modern overkomt. Ook heeft het een bijzonder vriendelijke bevolking. Op het gebied van Internet zijn ze ook Nederland een straatlengte voor. Zo wordt bijvoorbeeld 90% van de financiële transacties via Internet verricht. In de haven van Tallinn sturen we iedere dag een SMS berichtje en krijgen dan per ommegaande een code en wachtwoord terug. Hiermee kunnen we 24 uur gebruik maken van WiFi, het draadloos Internet. Kosten: nihil. De aanmeldpagina meldt netjes dat de staat Estland voor ons de kosten betaald. Wat ons betreft mogen ze er terecht trots op zijn.

De jachthaven is voor het merendeel gevuld met schepen uit Finland. Aan het begin van hun vakantie steken ze blijkbaar even over naar Estland, meren de boot af en lopen dan direct door naar de slijter. Ver hoeven ze niet te lopen, want ook die heeft een grote winkel direct aan de haven. Ze slaan een stevige voorraad in, plaatsen die op een steekkar en een hulpje van de slijter brengt deze tot naast het schip. De eerlijkheid gebied te zeggen dat ook wij van deze service gebruik hebben gemaakt. De gewoonte van de Finnen om de eerste nacht te besteden aan het proeven tot ze er bij neervallen (en dat duurt soms heel lang), hebben we niet overgenomen.

 Helsinki (9-7)

We zijn in Helsinki. Vanaf Tallinn is het een oversteek van 45 mijl naar het noorden. Behalve dat we op moeten letten voor de vele veerboten die heen en weer stuiven, hebben we ook nog te maken met de drukke commerciële vaart naar en van Sint Petersburg. In het begin is het zicht maar matig maar na een paar uur steekt de wind op en waait de lucht weer schoon. Wel zo fijn op dit drukke traject. Zo zeilen we naar het meest noordelijke en ook het meest oostelijke punt van onze reis van dit jaar. We melden ons weer bij de douane. We zijn benieuwd of ze nog zullen informeren hoeveel drank en sigaretten we aan boord hebben, maar er is alleen maar belangstelling voor de Swalker en voor de crewlist met diverse stempels uit de Baltische Staten. Daarmee zijn we weer binnen het Schengen gebied en ze vertellen ons dat we, wanneer we via Zweden teruggaan, geen douane meer hoeven op te zoeken.

Een aantal jaren terug zijn we ook in Helsinki geweest. Toen met de auto, nadat we in veertien dagen bijna heel Finland waren rondgereden. In één dag hadden we de meest interessante plaatsen van Helsinki gezien. Op weg naar de ferry, die ons weer naar Duitsland zou brengen, reden we langs een jachthaven. Toen zeiden we tegen elkaar: wat zou het mooi zijn om hier eens naar toe te varen. En nu liggen we in diezelfde haven en kijken naar het voorbij stromende verkeer. Over de boulevard wandelen mensen, stoppen even en kijken naar dat vreemde schip met de naam Swalker of proberen er achter te komen wat voor vlag of er op staat. Het lijkt op de Russische, maar het is hem toch niet.

 De jachthaven ligt tegen een schiereiland aan. Op dat schiereiland is een park, een restaurant, een openluchttheater en een wasplaats voor vloerkleden. Wat? Ja, voor vloerkleden! In Finland is het de gewoonte om af en toe met een vloerkleed op de schouder naar het water te gaan. Daar staan houten tafels waar je met een borstel, milieu vriendelijke zeep, water uit de baai en een portie zweet het kleed weer schoon krijgt. Er staat ook een wringer. Eentje van twee meter breed waar het hele kleed in een keer doorheen kan en dan leg je het op een paar balken om het te drogen. In de avond haal je het weer op. Simpel toch?

Vloerkleden wassen, HelsinkiVloerkleden drogen, Helsinki
Toen we de haven binnenvoeren kwamen we langs een zestal grote zeeschepen, die aan de wal lagen. Je bent dan nieuwsgierig wat voor schepen dat dan zijn, want ze zien er imposant uit, lijken op groot uitgevallen slepers maar zijn dat duidelijk niet. We nemen ons voor er eens langs te lopen. Een Fin schept echter al eerder duidelijkheid als hij ons vraagt of we de ijsbrekers al gezien hebben. De trots van dit land. Met deze schepen houden ze de in de winter de routes in de Oostzee open voor ferry’s en zeeschepen. Het moet een prachtig gezicht zijn om deze schepen bezig te zien met het ijs. Maar gelukkig voor ons is het nu 25 graden en zit het enige ijs wat we tegenkomen in een hoorntje. Lekker. Het is trouwens een uitzonderlijk mooie zomer, zo verzekerde ons dezelfde Fin. Toen Tineke zei dat we eigenlijk ook het land eens in de winter wilden bezoeken lachte hij een beetje. Er waren maar drie redenen om in Finland te blijven wonen, zei hij. Dat waren juni, juli en augustus!

IJsbrekers, Helsinki Het Ateneum Art Museum herbergt de Finnish National Gallery en heeft de grootste collectie Finse kunst van 1750 tot 1950. Het ligt op loopafstand van de haven dus alle redenen om eens daarbinnen te gaan kijken. We maken kennis met het werk van de Finse schilderes Helene Schjerfbeck, van wie er een overzichtstentoonstelling is. Het vroege werk vinden we echt mooi, haar laatste schilderijen minder. Het weerspiegelt echter wel duidelijk haar levensverhaal. "Een spiegel van de natuur" heet een andere tijdelijke expositie. Schilders uit Finland, Zweden, Noorwegen en Denemarken uit de periode 1840 tot 1910 hebben de natuur van het noorden in alle jaargetijden op een schitterende manier vastgelegd. Vaak hebben ze er grote doeken voor gebruikt. Maar vooral de bijzondere heldere kleuren vallen op. Diezelfde kleuren die wij onderweg tegenkomen en waarvan Tineke zegt dat je hier geboren moet zijn om dat te kunnen schilderen. Ook de vaste expositie is prachtig, dus verlaten we als één van de laatste bezoekers het museum. We praten er nog regelmatig over.

 Van het toeristenbureau halen we een gids met een aantal wandelroutes door de stad. Op een1 van die wandelingen komen we langs de Orthodoxe Uspenski Kathedraal. We herinneren ons van het vorige bezoek het prachtige interieur. Als we er opnieuw even willen kijken zien we net een bruidspaar naar buiten komen en in een gereedstaande auto stappen. Wij mogen alleen via een zij-ingang naar binnen en kunnen alleen een paar passen de kathedraal in. Daar is men druk bezig met de voorbereidingen van de volgende huwelijksplechtigheid. De familie komt binnen en gaat aan weerszijden van het gangpad naar voren staan. Dan worden bruid en bruidegom door de voorganger opgehaald en lopen naar voren. Uiteraard verstaan we niets van wat er gezegd, maar meestal gezongen wordt. Dit gebeurt afwisselend door een koortje en de voorganger. Als ze elkaar het jawoord hebben gegeven krijgen bruid en bruidegom een kroon boven het hoofd, vastgehouden door een familielid. Blijkbaar zijn die nogal zwaar, want regelmatig worden ze afgelost. Ondertussen staat iedereen gedurende de viering, ook het bruidspaar. Voor wie dat niet kan uithouden staan er wel een paar stoelen. Niet voor ons als toeschouwers, dus vertrekken we stilletjes na een half uur staan. Wij zijn dat ook niet gewend. Als we buitenkomen zie we dat de volgende plechtigheid al weer wordt voorbereid.

 Dragesviken (16-7)

Vandaag maar weer eens op stap gegaan. We hebben veel bijzondere dingen in Helsinki gezien. Maar de ruimte lokt nu ook weer, de windvoorspelling is goed dus we gaan. Het is wel even wennen om hier tussen al die eilandjes en rotsen door te varen, zeker als er dan om de hoek ineens een enorm cruisschip opduikt. Die maken vaak gebruik van hetzelfde vaarwater. En dat water lig bezaaid met cardinale tonnen, ook in de doorgaande routes, in plaats van de rode en groene van de laterale markering. Daarnaast geven markeringen op het land een koerslijn, die de veilige route markeert. Even wennen, maar met de kaart voortdurend bij de hand is het op een gegeven moment weer echt pleziervaren.

De wind houdt zich aan de voorspelling tot een uurtje voor aankomst. Dan vindt hij dat we genoeg hebben genoten en gaat pal tegen waaien. We hebben een boek met aanlegplaatsen, maar we zagen er onderweg veel meer. We lazen al ergens dat er veel privé aanlegplaatsen zijn waar gasten niet welkom zijn, dus varen we naar de jachthaven van Dragesviken op het schiereiland Porkalanniemi. Eén steiger met een twintigtal boten eraan, een café met winkel en een brandstofstation. En natuurlijk een sauna. Het is lastig aanleggen. De wind komt van achteren, we maken een lijn aan een hekboei vast en drijven daarna voorzichtig naar een erg lage steiger. Tineke vraagt aan de kijkers om hulp, want ook hier zijn er alleen maar ringen om vast te maken. En om van de neus van de Swalker op de steiger te komen en omgekeerd moet ze acrobatische toeren uithalen. Als Tineke dan ook weer aan boord klimt en op de boegspriet staat, krijgt ze een applausje van de omstanders.

Ze raakte aan de praat met een mevrouw die geïnteresseerd is in de Swalker en ons leven erop. Uiteindelijk komen man en zoon er ook bij en wordt het schip bekeken, onze reis besproken en adviezen gegeven over onze mogelijke winterstop in Frankrijk. Hoewel ze goed engels spreken, is toch te horen dat Frans hun moedertaal is. Na ruim een uur gezelligheid vertrokken ze weer, waarbij we een uitnodiging om bij ze te komen eten in Helsinki af moeten slaan. We varen nu de andere kant op.

 Hanko (20-07)

Tijdens de reis door het Finse scherengebied overnachten we afwisselend achter ons anker of in een haventje.

Zo liggen we voor anker bij eiland Flakholmen wat waarschijnlijk onbewoond is. Aan de overkant van het water zien we een huis en volgens de kaart zou er zelfs een klein dorpje zijn met een openbare telefoon. Verder is het hier oorverdovend stil.

EigenaarsvlagWe zijn hier al vroeg in de middag gaan liggen. De wind is pal tegen we hebben genoeg van het op de motor varen. Tineke heeft na lang broeden eindelijk een ontwerp voor een eigenaarsvlag klaar, dus de naaimachine komt op tafel. Na een uurtje is hij klaar: een witte basis met daarop een groene en rode golf, net als op het visitekaartje van de Swalker. Morgen gaan we hem officieel hijsen.

 In Tammisaari maken we kennis met Lore, een Duitse solozeilster, die met haar schip op weg is naar Helsinki. Daar komt haar man ook aan boord. Onlangs is ze nog met vrienden door het Panama kanaal gegaan. Ook op de Stille Oceaan had ze diverse stukken gevaren, tot aan Alaska toe. Maar ze vond het zeilen hier in Scandinavië nog steeds het allermooiste. Over haar ervaringen over het zeilen met vierkant getuigde schepen heeft ze een boek geschreven. Een ondernemende tante, mag je wel zeggen.

 En nu liggen we in de jachthaven van Hanko. Dat had wel wat voeten in de aarde, want de havenmeester adviseerde ons niet aan die gemakkelijke buitensteiger te blijven liggen. Men rekent daar namelijk het dubbele tarief! We proberen dus in een box te komen, maar dat valt niet mee. De zijwind is iets harde dan gedacht en de ruimte om te manoeuvreren is kleiner dan ingeschat dus komen we uiteindelijk met behulp van wat extra handen en flinke rookwolken uit de uitlaat in een andere box terecht dan bedoeld. Die is ook vrij, dus blijven we daar maar liggen. De jachthaven ligt op een eilandje, dus gaan we met de pont naar de stad. Ondanks dat het al laat is, vinden we een supermarkt waar we onze voorraden kunnen aanvullen. Dit is de laatste stad op het vasteland van Finland. In het gebied met eilanden, wat voor ons ligt verwachten we geen grote plaatsen meer. Beter mee dan om verlegen, nietwaar?

 Mariehamn (26-7)

Eigenlijk zitten we nog in Finland, maar we hebben al een paar dagen een andere gastenvlag onder de zaling. Na de oversteek van de zeestraat Skiftet komen we in het gebied van de Åland Sottungaeilanden. Deze Finlandse provincie van ongeveer 6000 eilanden en scheren en 25.000 inwoners zijn autonoom en hebben een eigen vlag. Ze behoren wel tot de EU maar vallen niet binnen de EU belastingsregels. In dit gebied met hoge belastingen op luxe goederen is dat een mooie bron van inkomsten.

De eerste haven die we aanlopen is Sottunga, op het gelijknamige eiland. Het is tegelijk de kleinste gemeente van Åland met 120 vaste inwoners. Bij de havenmeester zijn fietsen te leen om naar de enige winkel op het eiland te gaan, 3 km verderop. We maken van de gelegenheid gebruik om ook de rest van het eiland te verkennen. Naast de bossen zijn er ook stukken grasland en wordt er graan verbouwd. Twee grote windmolens produceren meer stroom dan het eiland op kan maken. We volgen het bordje "Gamla Skola" en stappen af. Er komt een jongeman op ons af die vertelt dat zijn vrouw zo meteen met de sleutel komt. We krijgen een rondleiding door de oude school, waar naast een klasje van voor de oorlog ook nog verschillende kleine exposities zijn. Ze vertelt dat haar grootvader nog op deze school heeft gezeten. Er is nu een nieuwe waar de kinderen van het eiland tot 14 jaar les krijgen. De laatste 2 jaar deels ook op een ander eiland. Teruggekomen horen we van de havenmeester dat we gesproken hebben met de zuster van zijn vriendin. Die werkt weer in het havenrestaurant wat weer van hun ouders is. We krijgen direct al weer het Vlieland gevoel: in een kleine geïsoleerde gemeenschap kom je vaak dezelfde mensen tegen.

De hoofdstad van Åland is Mariehamn. Er wonen nog geen 11.000 mensen en geen 110.000 zoals Meindert meende gelezen te hebben. Dus een totaal andere stad dan die we voor ogen hadden. Wel bezoeken jaarlijks 1,5 miljoen mensen de stad. Het centrum is niet groot, maar volledig op het toerisme ingericht. We vinden het niet zo aantrekkelijk. MariehamnWel is de directe omgeving mooi met ruime straten met bomen. Het Åland museum is wel de moeite waard. Jammer genoeg is bij de vaste expositie in het algemeen alleen maar een Zweedse tekst aanwezig. Maar men weet in een beperkte ruimte toch zeer overzichtelijk een beeld te geven van het vroegere leven daar en het ontstaan van de bijzondere positie binnen Finland.

 Wanneer we het havengeld betalen krijgen we een flinke label mee, die bestaat uit drie delen. Het eerste laat zien dat we betaald hebben en moet zichtbaar op het schip geplaatst worden. Deel twee geeft de code voor de toiletgebouwen voor de huidige en volgende dag. Deel drie biedt de gehele bemanning van het schip een gratis busrit vanaf de jachthaven naar Eckerö, een gratis retour per ferry naar Zweden om tax-free inkopen te kunnen doen en als klap op de vuurpijl nog een gratis busrit terug. Ook krijg je op verzoek een code om van het draadloos Internet gebruik te maken. Waar vind je dat tegenwoordig nog! Toch zien we maar af van de tocht naar Zweden per ferry; we doen het wel met de Swalker. Van het Internet maken we natuurlijk wel graag gebruik: Skypen met de (klein)kinderen is op onze lange reis wel heel fijn.

Een nadeel van de aparte status van Åland is wel, dat ze blijkbaar niet zo interessant zijn voor de grote jongens van de mobiele telefonie. Hebben we tot nog toe overal, ook in Polen en de Baltische Staten, gebruik kunnen maken van het GPRS netwerk, hier lukt dat niet! De mobiele telefoon bleef gelukkig werken, al was het niet met de provider die de voorkeur had. Maar voor het dataverkeer via GPRS werden we nergens geaccepteerd. En dat in (een provincie van) Finland, de bakermat van de mobiele telefonie!

Granhamn (29-7)

Vandaag hebben we de oversteek gemaakt over het Ålands Hav. Ondanks dat we maar 28 mijl hebben gevaren veranderen er ineens weer een heleboel dingen.

Een nieuw land: Zweden. En nu voor het eerst sinds lange tijd geen verplichte aanvaarroute, geen verplichte meldhaven, geen kustwacht en / of grenscontrole die paspoorten en crewlist wil zien, nee niets van dat alles. We zijn gewoon de grens overgevaren, hebben wel even de gastenvlag omgeruild en zijn toen op zoek gegaan naar een mooie ankerplek. Weinig spannends dus. Dat heb je met die Schengen landen.

De luxe van gratis draadloos Internet hebben we natuurlijk ook niet op een ankerplek. Daarvoor in de plaats hebben we wel weer bereik van het GPRS netwerk en ook de mobiele telefoon is weer tegen een normaal tarief bruikbaar.

De ankerplek hier is blijkbaar erg geliefd. Er liggen vier andere schepen voor anker, vier anderen liggen met de neus tegen een rots. . Natuurlijk ook door de omgeving (allemaal bossen om ons heen op de eilanden en hier en daar een enkel huis) is het weer oorverdovend stil. Je hoort de vissen bijna zwemmen.

Allemaal anders dus, na een paar uurtjes varen. Helaas niet kunnen zeilen. De voorspelling met windkracht 3 was iets te optimistisch. Maar tegelijkertijd zijn ook de onweersbuien uitgebleven. Dus hebben we eigenlijk ook weer niet te klagen.

 Vaxholm (31-07)

We zitten in een kermisattractie! We slingeren en hobbelen alle kanten op, maar soms wiegelen we een tijdje rustig. Helemaal stil liggen doen we niet. En we liggen niet eens voor anker, maar keurig met een aantal lijnen aan de vaste wal. We hebben het aan onszelf te danken. We hadden hier in Vaxholm geen zin om binnen in de jachthaven met harde wind te ploeteren tussen andere schepen en boeien om ergens een lege plek te zoeken. Aan de buitenkant van de steigers was nog een mooie lege plek, dus hebben we die maar genomen. En nemen het onrustige water van voorbij snellende veer- en motorboten nu maar op de koop toe. We hopen dat iedereen, net als wij, gaat slapen en dat het dan wat rustiger wordt.

Wel hebben we vandaag weer mooi kunnen zeilen. Bij het verlaten van de ankerplek ontdekten we een route op de kaart die bijna helemaal bezeild was. Een gelukje, want we hielden er al rekening mee de helft op de motor te moeten doen.

We varen hier in de 'scherentuin' van Stockholm. Een strook van een 50 km breed langs de kust. Aan zeezijde liggen kleine onbegroeide eilandjes en is er veel water. Aan landzijde is het omgekeerd: veel grote eilanden met soms smal en soms breed water er tussen. Volgens de pilot is het gemakkelijk om een ankerplek te vinden. En tot tweemaal toe hadden we geluk. Waar we op de kaart het idee hadden dat er geankerd kon worden, vonden we een prachtige ankerplek. Maar nu is het brood op en de boodschappenlijst flink gegroeid, dus hebben we een haven opgezocht.

De Swalker is zeker hier in Scandinavië een opvallend schip. Als we dan ook in een haven liggen lopen er regelmatig mensen voorbij. Vaak staan ze een tijdje stil en bekijken de Swalker van onder tot boven. Soms duurt dat wel erg lang en gaan we maar even naar buiten om een praatje te maken. Zo ook hier in Vaxholm. Na de gebruikelijke complimenten over het mooie en stevige schip, vertelde de Zweed dat hij verderop in de haven lag met een klein motorbootje van zes meter. Daarmee was hij naar één van de Åland eilanden geweest voor de bruiloft van zijn zoon. Maar voorheen had hij een catamaran gehad, zestien meter lang en negen meter breed. Bij gunstig weer deed hij over de reis van Mariehamn naar Stockholm maar een uur langer dan die gigantische berries. Hij had er ook op gewoond. Geen probleem in de winter, een paar ventilatorkachels hielden het wel warm. Maar nu had hij hem aan een vriend overgedaan. Die had er nu een sauna van gemaakt, vertelde hij met een zuur lachje. En mochten we na Stockholm door de Mälaren meren naar het zuiden gaan, dan moesten we vooral naar de Slagsta Marina komen. Daar was hij dan onze gastheer!

Maar we gaan morgen eerst maar eens naar Stockholm, het is niet ver meer. We zijn benieuwd naar alles wat we daar zullen vinden.