01-05-2010  1 mei feest

Ook in Portugal is één mei een feestdag. Langs de rivier in Alcoutim is de afgelopen dagen hard gewerkt aan de voorbereidingen. Een podium is opgebouwd, lange rijen tafels met stoelen ervoor en even verderop een rijtje wasbakken aan de waterkant.

De barbecues staan er naast, klaar om de sardines te roosteren.

Om negen uur heeft de eerste familie al een tafel in bezit genomen en de thermoskannen en mand met broodjes staan klaar. De eerst sardientjes liggen een uurtje later al boven het vuur. Tegen half twee vinden wij nog een vrije tafel, dicht bij het podium. We eten een hapje, drinken een drankje en zien op het podium een flamenco groep zich gereedmaken voor hun optreden. Ze musiceren en dansen met een temperament die wij als noordelingen nauwelijks kunnen volgen. Ook de daaropvolgende folkloristische dansgroep is nagenoeg onuitputtelijk en hebben zichtbaar plezier. Voor degenen die daarna nog durven wordt de dansvloer vrijgemaakt; Tineke en Ineke weten zelfs een paar heren uit Alcoutim te verleiden tot een dansje.

Het volgende optreden van een ‘komische duo met grappen uit de Algarve’ hebben we maar aan ons voorbij laten gaan; ons kennis van het Portugees is daar nog totaal ontoereikend voor. Hoogste tijd om even uit te blazen aan boord. ’s Avonds liggen we net op bed, als met daverend geluid een discodreun start. Nee toch, niet de hele nacht door? Het blijkt van een auto op de kade te komen. Maar veel belangstelling heeft hij niet, zodat hij na een kwartiertje de motor maar start en weer verdwijnt. Daarna hebben wij niets meer gehoord.

03-05-2010  Voorjaar

Wat een verschil met vorig najaar! Toen we in augustus en september op de Guadiana voeren, zag de omgeving er bruin en dor uit. Geblakerd door de zon en totaal verdroogd nadat het maandenlang niet geregend had. Maria uit Pomarão vertelden ons wel dat het in het voorjaar totaal anders zou zijn: groene heuvels en bloemen overal. Maar als je naar de dorre woestenij keek, kon je je nauwelijks voorstellen dat daar nog enig leven in verborgen zou zijn.

En nu wandelen we inderdaad iedere dag urenlang door groene heuvels, die bezaaid zijn met prachtige bloemen. Het lijkt wel af alles nu tegelijk wil bloeien, voordat het straks weer heet en droog wordt. In de riviertjes en beekjes stroomt nu nog water. De perzikboom hangt vol met helder gele vruchten. De vijgen kleuren al donker.

Het is waar, Maria: in het voorjaar is de natuur hier prachtig!

09-05-2010  Zondag in Pomarão

Pomarão is een dorpje aan de Guadiana, een mijl of zeven verder stroomopwaarts van Alcoutim. We zijn dan al ten noorden van de Algarve in de provincie Alentejo. Met ongeveer dertig inwoners en twee kroegen is het hier over het algemeen rustig. Zo rustig, dat je de vangrail langs de weg in de zon hoort kraken. Vandaag is het echter druk; het is zondag.

Gisteren hadden we al te horen gekregen dat we niet meer aan het ponton zouden kunnen liggen. Voor tienen staan er al een paar schippers van kleine bootjes klaar om onze plek in te nemen. Wij gaan in de rivier voor anker. “Waarom zo vroeg?” vragen we ons af, het waterpeil is nog lang niet hoog genoeg voor de rondvaartboot. De mannen drentelen wat op de steiger, tot na een uurtje ineens een groep mountainbikers verschijnt. Het zijn er wel honderd. Acht fietsen gaan in de ene boot, evenzoveel fietsers in de andere en zo gaat het met veel motorlawaai naar de andere oever. Na een uur zijn de laatste overgezet, wordt er afgerekend en verdwijnen de laatste bikers over de heuvels. De stilte keert weer.

Totdat rond twaalf uur van verre het gedreun van muziek hoorbaar wordt. Nu is er wel genoeg water en de rondvaartboot uit Villa Real de Santo Antonio komt er aan: een vroegere veerboot waarop nu grote barbecues en een nog grotere muziekinstallatie zijn geïnstalleerd. Als de opvarenden via het ponton de wal op lopen om Pomarão te gaan bekijken, begint het plotseling te gieten. De enige schuilplaats biedt het Café do Cais, inderdaad, direct aan de kade. Al de boot na een uurtje weer vertrekt hebben de meesten van Pomarão alleen de kroeg gezien. Dreunend en rokend verdwijnen ze weer in de verte.

Tegen de avond zoeken wij ook ons vertier op de wal. In Café do Cais wordt een klein soort guitarra te voorschijn gehaald en zingt men fado en andere Portugese liedjes. We kunnen niet blijven want we hebben afgesproken in de Sociédad te gaan eten. Terwijl op de televisie Benfica zich met oorverdovend geluid naar het kampioenschap voetbalt en half Pomarão regelmatig even een blik komt werpen, krijgen wij een lekkere, uitgebreide maaltijd voorgeschoteld.

Eenmaal weer terug aan boord luisteren we nog een tijdje in het donker naar het gezang uit Café do Caïs. Om elf uur wordt het er weer stil. Als een tijdje later plotseling een reusachtige knal tussen de oevers weerkaatst, klinkt de stilte daarop nog stiller. De stilte na de zondag van Pomarão.

11-05-2010  Naar Mértola

Vandaag gaan we naar Mértola om de voorraad weer even op peil te brengen. De bus van Pomarão naar Mértola v.v. gaat één keer per week. Om kwart over acht staan we bij de telefooncel waar even later ook het busje aankomt. We zijn niet de enigen die meewillen; als we vertrekken zitten er elf mensen in het negen persoons busje, als sardines in een blikje. De chauffeur belooft ons op de terugweg een grotere bus, dan kunnen de boodschappen ook mee terug. Wanneer we uit het rivierdal zijn geklommen zien we het uitgestrekte heuvellandschap van de Alentejo.

In Mértola overvalt ons de drukte op straat. Wat een verschil met het stille Pomarão. In de supermarkt bij het station mogen we onze boodschappen laten staan, naast de tassen van de medepassagiers. Naast de winkeltjes is ook het stadje zelf het bekijken waard. De oude stad is omgeven door muren en op het hoogste punt domineert een burcht. Een aantal museums laten overblijfselen zien van het begin van onze jaartelling, toen Mértola een belangrijke handelsplaats was aan de bovenloop van de Guadiana. De kerk is overduidelijk vroeger een moskee geweest.

Tegen drieën verzamelen we ons weer voor de dichte deur van de supermarkt. Na een stevige roffel op het raam komt er beweging en krijgen we de gelegenheid om onze spullen naar de gereedstaande bus te sjouwen. Het is gelukkig een grotere die ons comfortabel terug naar de stilte van Pomarão brengt.

De reis per Swalker van Pomarão naar Mértola over de Guadiana met al zijn rotsen en ondiepten vonden we een te groot avontuur. Maar zelfs met de bus blijkt het een belevenis te zijn.

16-05-2010  Adeus Guadiana!

We hijsen alle zeilen en zetten de motor uit. Het water verkleurt langzaam van bruinig rivierwater naar het donkerblauw van de zee. We kijken nog maar eens achterom; Villa Real de Santo Antonio links en Ayamonte rechts, en daartussenin de rivier Guadiana, waar we op vele manieren van hebben genoten. Adeus, tot ziens!

 23-05-2010  Bruine zeilen.

Sailing boat with brown sail near Cabo São Vicente, this is the other sailing boat with brown sails. Do you read me? klinkt er uit de marifoon. We kijken eens om ons heen. We zijn net de meest zuidwestelijke kaap van Portugal gepasseerd, samen met een ander zeilschip, inderdaad ook met bruine zeilen. We melden ons, schakelen over op een ander kanaal, babbelen over de gunstige wind die ons vandaag ten deel valt en merken dat we beiden Sines en later Galicië als bestemming hebben. Met de complimenten wederzijds, dat het toch een mooi gezicht is, die bruine zeilen, wisselen we de beide scheepsnamen uit en gaan weer verder noordwaarts. De Ela Uno is beduidend kleiner en dus langzamer als de Swalker, zodat we ze na een paar uur uit het oog verloren zijn.

Pas als we de volgende morgen vroeg uit de haven van Sines vertrekken, zie we dat de Ela Uno ook is aangekomen. Als we een rondje maken en er dicht achter langs varen, is er nog geen enkele beweging te zien; het was blijkbaar laat vannacht. Maar wat ons direct opvalt is het type schip: het lijkt veel op een Brasser 28, een verkleinde uitgave van ons vorige schip, de Horizon. Er wappert een Spaanse vlag op; een Spanjaard met een stalen schip? Mochten we ze nog eens zien, dan moeten we toch eens met hen praten. Ze vallen tenslotte best wel op, net als wij, met die bruine zeilen.

24-05-2010  Weerberichten

Eén van de belangrijkste factoren bij het plannen van een reis per zeilboot, is het weer. Het weer, of beter nog de wind bepaalt of het een plezierige reis wordt of een barre overlevingstocht. Windrichting, windsterkte en golven, dat willen we graag weten voordat we besluiten te vertrekken. Vroeger kwam ´het weer´ van marifoon of ssb/ontvanger, nu is uiteraard het Internet de leverancier. En waren we voorheen al blij met een vooruitblik over twee dagen, nu is zeven tot zelfs tien dagen geen uitzondering. Wat kan er nog mis gaan, zou je zo zeggen.

Door het ontbreken van tussenliggende havens willen we vanuit Portimão in één dag doorvaren naar Sines, aan de westkust van Portugal; een afstand die ons al gauw 16 uur zal kosten. Een goede wind en is dan wel een voorwaarde. Gedurende een aantal dagen zien we op de computer een gunstige oostenwind  aan de zuidkust, maar een ongunstige noordenwind aan de westkust, pal tegen. Maar het wachten wordt beloond. Gisteren hadden we op beide kusten zowel een mooie zeilwind als lage golven, zodat we na 13 uur varen al terug konden zien op een geslaagde tocht.

Maar het kan ook anders. Gisteravond hebben we opnieuw onze weerprofeten geraadpleegd. Iets meer wind en iets meer golven dan de dag ervoor, het zou geen beletsel mogen zijn om in een lange dag ditmaal Cascais te bereiken. Dus herinnert de wekker ons vanmorgen aan ons voornemen, verzorgen boot en bemanning en gaan vol goede moed de zee weer op. De wind is sterk genoeg om ons met alleen de kluiver op voldoende snelheid te geven. De golven zijn onrustig met een westelijke deining en golven door de zuidelijke wind. Maar we schieten zo wel lekker op. Tegen de middag veranderd het. De wind blaast nog een Beaufortje harder, wat op zich geen probleem is. Maar de rommelige golven worden flink hoger en steiler, zodat we alle kanten op worden geslingerd en de zeilen klapperen zonder veel snelheid meer te leveren. Dit is niet leuk meer, dus wijzigen we de koers en gaan naar Sesimbra.

Daar aangekomen kijken we toch maar eens even, wat de weersvoorspelling is. En ja hoor, zowel de wind als de golfhoogte blijkt aardig naar boven te zijn bijgesteld. Hadden we dus toch vanmorgen nog even naar de laatste voorspellingen moeten kijken.

Wie onze weerprofeten op het internet zijn? Klik maar eens op de ‘links’, in de rode balk hierboven.

27-05-2010  Bruine zeilvoering.

Wanneer we de haven van Nazaré binnenkomen zien we hem al liggen: de Ela Uno ligt op de kop van één van de steigers. Wij worden naar de kop van een andere steiger gedirigeerd. Wel dicht bij de visafslag, maar die overheerst toch de hele marina en het komen en gaan van de vissersboten geeft een gezellige drukte.

Nadat de marina en de GNR alle formaliteiten hebben afgewerkt, kunnen we onze nieuwsgierigheid niet langer bedwingen, en lopen naar de andere steiger. Inderdaad, het kan niet missen! Dit is een stalen Brasser 28, met zijn typische knik in het voordek, de preekstoel op de boegspriet, het aangehangen roer en kluiver en fok op een boom. Op ons roepen volgt geen reactie, niemand aan boord dus.

Aan het eind van de middag worden we geroepen. Het is de schipper van de Ela Uno, die ons ook heeft herkend van onze ontmoeting bij Cabo São Vicente. Zijn verbazing, als blijkt dat wij zijn schip als een Brasser hebben herkend, slaat om in enthousiasme als hij zich realiseert dat wij hem mogelijk kunnen helpen met de vragen die er bij hem leven. Hij heeft het schip pas kort, het is zijn eerste reis en de documentatie aan boord is in het Duits. Willen wij hem misschien eens een paar minuutjes helpen met het optuigen van al die zeilen? En het gebruik ervan toelichten?

En zo maken we kennis met Choto en Anne. Op reis naar Illas de Ons in Galicië. Gedurende de zomer maken ze daar muziek en verkopen sieraden, in de winter wonen ze in hun huis in Zuid Spanje. Aan het eind van de dag zijn kluiver, fok en grootzeil allemaal correct aangeslagen, klaar voor gebruik zoals de ontwerper Robert Das het voor ogen heeft gehad. En hebben we heel wat informatie uitgewisseld over de hebbelijkheden en onhebbelijkheden van deze knikspant. Als dank krijgen we een maaltje verse vis.

 30-05-2010  Er was eens..

Er was eens een Portugese kroonprins, die verliefd werd op een hofdame. Zijn naam was Pedro en zijn geliefde luisterde naar de naam Inês. Echter, zoals zo vaak was zijn vader, koning Alfonso IV, het totaal niet eens met de keuze van zijn zoon. Toch had Pedro genoeg van de vrouwen die pa voor hem had uitgezocht. Toen hij acht jaar oud was, moest hij van zijn vader trouwen met Blanca van Castilië. Dit bleek geen beste keus. Haar slechte gezondheid maakte dat dit huwelijk na vier jaar geannuleerd werd. Vervolgens kwam Alfonso met Constance, ook uit Castilië, voor de dag. Toen die op het paleis arriveerde, werd Pedro op slag verliefd, niet op haar maar op haar hofdame, Inês. Toen Constance dan ook na vijf jaar huwelijk overleed, was er voor Pedro geen andere optie meer: alleen Inês en geen andere. Zelfs toen ze door het hof verbannen werd naar de provincie, bleef Pedro met haar een relatie houden. Pa had hier wel een oplossing voor; hij liet Inês vermoorden. Zo ging dat in 1355.

Twee jaar later moet ook Alfonso het aardse leven beëindigen en Pedro wordt koning Pedro I. Hij neemt geen halve maatregelen. De moordenaars worden het hart uit het lijf gerukt, Inês laat hij opgraven, kronen tot koningin en opnieuw begraven in de grootste kerk van Portugal, die van de Moisteiro de Santa Maria in Alcobaça.

Nu staan er in de kerk twee graftombes, de één links van het middenschip en de ander rechts. Daar liggen, zoals hij had bevolen, Pedro en Inês met de voeten naar elkaar toe, zodat ze elkaar op de Dag des Oordeels direct weer zullen zien.

Het is niet alleen deze liefdesgeschiedenis, die ons naar Alcobaça heeft gelokt. Kerk en klooster horen tot het Unesco werelderfgoed en zijn per bus goed bereikbaar vanuit Nazaré. En nu we toch moeten wachten op een goede wind, is dit een mooie gelegenheid om alles eens met eigen ogen te gaan zien.